23 februari 2007

Pogo?

Toch heb ik het gevoel dat ik er bijna ben. Ik val niet meer - ik spring instinctief van de stick af als ik meer dan dertig graden scheef kom te staan. Ik heb wat balanstruukjes geprobeerd, maar die werkten ook niet zo geweldig. Echter, vandaag had ik een kleine doorbraak. Ik heb ontdekt dat wanneer ik me meteen schrap zet op de pedalen ik langer dan een sprong in de lucht blijf. Als ik tenminste goed van de grond kom. Goed, bij de tweede direct daarop volgende sprong kantelde ik weer, maar het was een stap in de goede richting: één volmaakte op-en-neer beweging in de lucht zonder om te vallen. Afgaand op wat ik in drie sessies pogoën heb geleerd, gaat het me nog wel eens negen kosten om in de lucht te blijven met dat kreng. En ik ben geen geduldig mens.

Groter probleem is dat ik na tien minuten kapot ben. Mijn conditie is niet meer wat het... Mijn conditie heeft eigenlijk nooit bestaan. Dus ik heb m'n springtouw van m'n kamer afgehaald, heb het stof eraf geblazen, en doe nu weer een goede poging wat conditie op te bouwen. Ik fiets al meer dan tien kliometer per dag, dus dat is al een begin.

Mijn moeder hielp me van de week op haar niet-zo-subtiele wijze herinneren aan alle dingen in mijn jeugd die ik ben begonnen en nooit heb afgemaakt. Toentertijd riep ze al: "Bezit van de zaak is het einde van 't vermaak." Ik kijk in m'n kamer naar de inmiddels weer ingepakte hockeyschaatsen. Of de DVD's die ik maar één keer bekeken heb. Of de gitaar die stof begint te verzamelen. En ik bedenk me dat ik het misschien inderdaad nog steeds doe. Hmm. Ik heb me plechtig voorgenomen in ieder geval vóór de zomer geen stof op m'n stick te laten komen en hopelijk heb ik het dan tegen die tijd onder de knie.