Jip en Janneke zaten op een dag op de wipwap. Jip zei opeens: “wil jij een koekje?”
Janneke schrok. “Ohòò, je mag geen koekjes mee naar buiten nemen van mammie.”
Jip zei: “Nee, ik mag ze niet buiten uitdelen. Ik mag wel koekjes voor eigen gebruik.”
Janneke ging het zeggen.
Mama was boos. “Ben je nu helemaal belatafeld? Daar krijg je huisarrest voor!” Jip werd nu wel een beetje bang.
“Hoe weet ik dat als jij koekjes mee naar buiten neemt dat je ze niet gaat uitdelen?” vroeg mama. “Bovendien mag je ze niet eens mee naar buiten nemen. Alleen daarvoor moet je al zonder toetje naar bed!”
“Ik ging ze niet uitdelen. Ik wilde het koekje zelf opeten,” zei Jip.
“Bewijs dat maar eens, want ik geloof het niet. Jij krijgt huisarrest,” zei mama een beetje hysterisch.
“Ik heb het recht onschuldig bevonden te worden tot het tegendeel bewezen is,” preekte Jip wijselijk. “Dus jij moet bewijzen dat ik ze wilde uitdelen. Ik hoef niet aan te tonen dat ik ze niet wilde uitdelen. Ik wilde al die koekje namelijk zelf opeten.”
Mama en Jip kwamen er niet uit. Dus mama ging met Jip naar papa om uit te vinden wie gelijk had.
Papa vond het een ingewikkeld verhaal. Maar hij snapte dat Jip niet hoefde te bewijzen dat hij iets niet deed. Mama moest bewijzen dat hij iets wel deed. Zo werkte het nu eenmaal. Het principe om onschuldig bevonden te worden tot het tegendeel bewezen was, vond papa best wel belangrijk. Maar koekjes uitdelen aan de buurt kon natuurlijk ook niet zomaar. Dus papa moest beslissen wat belangrijker was: het recht om onschuldig bevonden te worden, óf de wet tegen het uitdelen van koekjes die inhield dat Jip moest bewijzen dat hij de koekjes niet in bezit had om ze uit te delen aan de buurt.
Papa bedacht daarom een aantal regels. Het waren vier stappen. Deze vier stappen noemde hij de Jip Test. Plechtig sprak papa: “De eerste stap. Is onze wet belangrijk genoeg voor dit huishouden als geheel?” Het uitdelen van koekjes kon natuurlijk niet zomaar. Straks kregen alle kinderen in de hele buurt buikpijn. En daar hadden hun ouders weer last van. “Ik vind daarom deze wet best belangrijk.”
“Stap twee,” zei papa. “Is er een logisch verband tussen ons doel en onze maatregel?” Het doel was het beschermen van de buurt tegen illegale koekjes die voor allerlei overlast zorgden. De maatregel om dat doel te bereiken was de wet tegen het uitdelen van koekjes. Dat vond papa een logisch verband. “Een wet tegen het uitdelen van koekjes beschermt namelijk de buurt tegen deze koekjes. Ik vind daarom dat er een rationeel verband is.”
“Stap drie,” zei papa die zich misschien een beetje teveel in zijn rol ging inleven. “Wordt ons recht om onschuldig bevonden te worden zo min mogelijk beperkt door onze maatregel van het omdraaien van de bewijslast?” Papa vond dat het wel een beetje ver ging om Jip te laten bewijzen dat hij de koekjes niet had om ze uit te delen. “Ik denk dat Jip ze misschien voor zichzelf had. Het waren maar drie koekjes. Dat is niet echt genoeg om ze zomaar uit te delen.” Papa vond dat mama maar moest bewijzen dat Jip van plan was de koekjes uit te delen.
Dat bracht ze naar de vierde en laatste stap. Er moest een balans zijn tussen het effect van de maatregel en het vastgestelde doel. “Het doel is nog steeds het beschermen van de buurt tegen koekjes voor etenstijd. Dat is een nobel doel. Maar het effect van de maatregel vind ik erg kwalijk,” oreerde papa. “Het betekent namelijk dat Jip zijn onschuld moet bewijzen en dat is erg moeilijk. Daarom hebben we normaal gesproken de regel in dit huis dat mama zijn schuld moet bewijzen. Niet andersom.” Papa vond daarom dat Jip niet schuldig was aan de daad van het uitdelen van koekjes. “Máár,” zei papa “je had de koekjes wel bij je, en dat mag óók niet.”
Jip moest uiteindelijk voor straf zonder toetje naar bed. Maar hij kreeg geen huisarrest. “Als je koekjes uitdeelt aan de buurt,” waarschuwde papa “krijg je alsnog huisarrest.” De Jip Test werd voortaan altijd gebruikt. Zodra papa van Jip of Janneke moest aantonen dat een maatregel van mama niet door de beugel kon, werd de Jip Test gebruikt om te zien of het inderdaad een slechte maatregel was. Papa was daarom erg blij met de Jip Test. Het gaf hem een houvast. En ze leefden nog lang en gelukkig.
